KINDVRIENDELIJK WONEN DANKZIJ KINDERPOSTZEGELS

Deze zomer zijn 25 gezinnen met een indicatie voor maatschappelijke opvang verhuisd van de Walborg, onze noodopvang voor gezinnen in Buitenveldert, naar de Westlander, een nieuwe locatie van HVO-Querido voor de opvang van gezinnen in Slotervaart nabij de Westlandgracht.

De gezinnen zijn er behoorlijk op vooruitgegaan in de Westlander, met name op het gebied van privacy en woonomgeving. De woonunits zijn duurzaam, praktisch en kindvriendelijk ingericht. In tegenstelling tot de vorige situatie beschikken mensen in de Westlander over een eigen wc, douche en keukenblok. Dit brengt meer rust voor de gezinnen, omdat het delen van deze voorzieningen in het verleden nog al eens tot onrust of onderlinge conflicten zorgde.


Meer rust, minder gedoe

Volgens Rakesh Mahabier (1992), een van de trajecthouders van de Westlander, is er hierdoor veel meer ruimte om te focussen op wat belangrijk is. ‘Omdat er veel meer rust en minder gedoe is, kun je echt werken aan de situatie van het gezin,’ aldus de hulpverlener. ‘Het is hier heel rustig in huis. In het begin moest ik er even aan wennen, en miste ik soms de reuring, maar het is uiteindelijk veel prettiger. Bij de Walborg waren we als begeleiding vaak bezig om figuurlijke brandjes te blussen. Hier kun je meer kwaliteit leveren.’

Rakesh weet waar hij het over heeft, want hij is al sinds juni 2016 actief bij onze noodopvang voor gezinnen, eerst bij de Walborg en sinds juli bij de Westlander. ‘Op een paar maanden na was ik er van het begin af aan bij,’ aldus Rakesh, die hiervoor bij Exodus in Alkmaar werkte.

‘Bij de Westlander ga je bij de gezinnen op bezoek, het is meer als een normale thuissituatie. Dat is bevorderlijk voor het vervolg. Hoe normaler, hoe beter.’

Er zijn drie diensten bij de Westlander. Twee worden door de eigen medewerker verzorgd: de dagdienst van acht tot half vijf, de avonddienst van half drie tot elf. De nachtdienst wordt door een beveiligingsbedrijf uitgevoerd.

Blijven lachen

‘Mij spreekt het systeemwerken van de gezinsopvang erg aan,’ vertelt Rakesh. ‘Ouders en kinderen, in ons geval meestal moeder en kind of kinderen hebben wederzijds effect op elkaar. Dat wordt nog versterkt door de relatief kleine oppervlakte waarop ze samenleven in de opvang.

Het is voor mij een uitdaging om die wisselwerking zo goed mogelijk te laten verlopen. Niet alleen op tijd de angel eruit halen als dat nodig is, maar er ook voor zorgen dat ze elkaar versterken. Kinderen, zeker van die jonge, zoals hier, geven een goede sfeer in huis. Je blijft gewoon om ze lachen.’

‘Kinderen zijn meestal heel flexibel, ze wennen snel aan nieuwe situaties,’ vult zijn collega, ondersteunend begeleider Paul ten Holder (1985) aan. ‘Ze vinden de opvang natuurlijk niet het leukste dat er is, maar ze passen zich snel en makkelijk aan en ze maken er wat van. Vaak vinden ze het leuk dat hier veel andere kinderen zijn om mee te spelen. Dat maakt het gezellig.’

Overdag

‘De meeste moeders zijn overdag druk met hun kinderen,’ aldus Paul. ‘Ze brengen en halen de kinderen naar en van school, ze doen het huishouden, ze doen boodschappen en ze koken. Wij stimuleren ze om hun netwerk te vergroten. Het is niet alleen goed voor je om soms even uit de dagelijkse sleur te breken, het kan ook nuttig voor je zijn om bijvoorbeeld naar Nederlandse les te gaan.

Mensen mogen hier uiteraard bezoek ontvangen, maar ze moeten dat wel eerst even met de begeleiding bespreken. We weten graag wie er in huis is.’


Doorstroom

‘De meeste vrouwen die hier wonen hebben een redelijk goed beeld van hun eigen situatie. Ze weten meestal wat er aan de hand is en waar ze aan moeten werken. Het lastigste is de grillige wachtlijst voor de volgende stap,’ aldus Rakesh. ‘Mensen verkeren lang in onzekerheid over waar ze naartoe kunnen en wanneer dat gaat gebeuren. Dan raken de energie en het vertrouwen van de bewoners wel eens op. Wij moeten de mensen ze blijven motiveren om zich toch zo goed mogelijk op die doorstroom voor te bereiden.’

Een eigen huisje

Ook bewoners tonen zich tevreden in hun nieuwe accommodatie bij de Westlander.

Mevrouw Hasnae Saad (1981) werd geboren in de Marokkaanse stad Fez waar ze een marketing en communicatieopleiding volgde. Ze kwam in 2012 naar Nederland en woonde in Montfoort, Almere en Amsterdam woonde. Samen met haar zoontje Abdel Rahman verblijft ze inmiddels een kleine acht maanden in de opvang, eerst vier maanden bij de Walborg en sinds juli bij de Westlander. Ze kan dus goed oordelen over het verschil tussen beide locaties. ‘Zonder discussie,’ aldus mevrouw Saad, ‘hier is het echt veel beter. Eigen toilet, eigen douche, eigen keuken. Hier is alles beter. Het is meer privé, het is gewoon een eigen huisje in het klein.’

Mevrouw Saad spreekt heel goed Nederlands, maar wuift dat zelf weg, volgens haar beheerst ze de grammatica nog niet goed en daarom zit ze op les. Ze is bezig haar echtscheiding af te wikkelen en dat gaat goed, ze heeft het gezag over haar zoon gekregen. Ze zou in de toekomst graag iets met kinderen doen en kijkt nu of ze alvast ergens kan beginnen als vrijwilliger. Ze heeft veel steun aan haar twee zussen die ook in Amsterdam wonen.

‘Ik ben gewoon helemaal gewend in Amsterdam. 

Elke dag kook ik voor ons tweeën, soms met veel plezier, soms iets minder, het is niet mijn hobby, maar ik doe het wel elke dag. Het team vind ik echt goed, ze helpen je echt. Hier leer ik zelfstandig zijn en meer sociale contacten te maken. Ik ben moeder en vader ineen, ik doe alles alleen en dat gaat best goed.

Hoe ik de toekomst zie? Dan is er stabiliteit in mijn leven en ben ik nog sterker. Ik heb een woning, mooi vast werk, het gaat goed met mijn zoon en met mij en misschien heb ik dan wel een tweede kind. Ik zeg nooit nooit. Ik ben optimistisch.’ 

Vallen en opstaan

Loubna Bretel (1977) werd geboren in Tanger, Marokko en kwam in 2013 naar Nederland. Ze woonde eerst in Amsterdam Oost en verblijft sinds mei 2018 in de opvang. Via het Oranje Huis van de Blijf Groep, een vakantiepark in Volendam en de Walborg kwam ze deze zomer met haar drie kinderen van 11, 9 en 1 jaar oud in de Westlander. Is het hier beter?

‘Zeker weten,’ aldus mevrouw Bretel, ‘het is hier veel schoner en rustiger. Je hebt je eigen ruimte, eigen wc, eigen keuken. Het is veilig, het is een mooi gebouw in een leuke buurt. Ze gaan hier zelfs een tuin aanleggen.


De begeleiders zijn echt lieve mensen, ze helpen je bij alles. Met het invullen van  papieren, met de financiën, maar ze vragen ook gewoon hoe het met je gaat.

Ik heb vroeger de kappersschool gedaan, maar voordat ik weer kan gaan werken moet ik eerst een beetje stabiel zijn. Ik hield altijd wel van mijn werk.

Overdag ben ik bezig met de kinderen, naar school brengen en ophalen. Maar ook boodschappen doen, schoonmaken, koken en gezellig met vriendinnen praten. Best wel een normaal leven eigenlijk.

Stap voor stap gaat het goed komen. We gaan ons leven weer stabiel krijgen. Ik sta nu op de wachtlijst voor een woning, dan gaan we weer naar huis. Ik zie gewoon een goede toekomst voor mijn kinderen en voor mij. Ik wil beslist in Amsterdam blijven wonen, ik heb hier veel vriendinnen. Zij steunen mij. Ik wil graag in Zuidoost wonen, daar heb je ruimte en grote huizen.'